Kurzbeschreibung
Boek kunnen talrijke typefouten, ontbrekende tekst, afbeeldingen of index. Kopers kunnen een gratis gescande kopie van het originele boek (zonder typefouten) van de uitgever. 1901. Niet afgebeeld. Uittreksel: ... Het was een Julidag in het jaar onzes Heeren 1509, tegen den avond. Het gouden licht der avondzon straalde over de oude stad Halle en vlamde in purper op de metalen tinnen van het slot, dat zich in het westen der stad vlak aan de oevers der Saale uit het dal verhief. Het was een indrukwekkend prachtig gebouw. Een woud van torens stond boven de zware muren, die in een langwerpig vierkant waren opgebouwd. Van den hoogsten toren boven de Oosterpoort, woei een vlag met het aartsbisschoppelijk wapen. Het slot, de residentie van den aartsbisschop van Maagdenburg, was hier na jarenlangen harden arbeid ontstaan en eindelijk nu voltooid door den bouw van een slotkerk. Wonderlijk. Moest dat nu de woning beteekenen van een kerkvorst? Het slot was geheel een ridderburcht. Aan alle zijden bespoelde het water van de slotgracht beschermend de muren der vesting. Waar de Saale niet zelve langs het slot stroomde, werd haar water afgeleid in een diepe gracht. Aan de vier hoeken van den burcht, die gewijd was aan den patroon van het aartsbisdom, den heiligen Maurits, verhieven zich sterke ronde torens met scherpe spitsen, rondom liepen sterke bastions en uit de schietgaten in de muren staken ijzeren vuurmonden dreigend uit. Aartsbisschop Erftst, uit het geslacht der Saksische vorsten, had er zijn redenen voor gehad, om zich dezen burcht zoo in de onmiddellijke nabijheid der stad te bouwen. Zijn voorgangers op den aartsbisschopszetel hadden, wanneer zij niet in Maagdenburg waren, gewoonlijk verblijf gehouden op het slot Gabichenstein, een vesting op een der rotsen aan de Saale, een uurtje van Halle verwijderd. Maar de afstand was te groot, wanneer het er om te doen-was den trots van de stad te breken en ze geheel aan den kromstaf te onderwerpen. Om dat doel te bereiken, moe...